woensdag 24 juni 2009

Oxxio klacht

Beste heer/mevrouw Oxxio klachtenservice,

Ondanks het feit dat ik een sticker op mijn deur heb geplakt waarop staat "Geen colportage", krijg ik alsnog verkopers van uw bedrijf aan mijn deur.

Ik zou u vriendelijk willen verzoeken om uw werknemers het begrip colportage uit te leggen, zodat zij de boodschap van deze sticker begrijpen, en snappen dat dit werkwoord de omschrijving van hun baan is.


Alvast bedankt voor de moeite,

Met vriendelijke groet,
Tanya Kangur

colportage col - por - ta - ge[ -´ taazj ´ ]( Frans)de -woord (vrouwelijk)het colporteren

colportage is het aanbieden van goederen en diensten aan de deur of op straat. Deze verkoopmethode is krachtens de Colportagewet aan strenge regels gebonden. Gevonden op http://www.xs4all.nl/~mkalk/begrip07.htm

Oxxio Klachten? Klik hier of : Klachten over colporteurs kunnen schriftelijk ingediend worden bij de Economische Controledienst (FIOD-ECD).


© Tanya Kangur
24-06-2009



Mijn Gastenboek vol met zeer gewaardeerde bijdrages

vrijdag 19 juni 2009

Plekken op aarde waar het altijd regent

Men zegt dat er plekken op aarde zijn waar het bijna continue regent. De Amazone is zo’n gebied. Door verdamping, hoge- en lage druk gebieden, en nog meer van die, voor mij zeer onbekende, geografische informatie, komt het water daar regelmatig met bakken uit de hemel.

Sinds kort lijkt de wereld daar zo’n vochtige plek bij te hebben gekregen:
Mijn keuken.

Met in 6 maanden 2 enorme lekkages, beiden afkomstig vanuit de appartementen van de bovenburen, en daarnaast een uit zichzelf exploderende wijnfles, werd het tijd om mijn weblog aan te passen.
Het volgende stukje stond bovenaan deze pagina:

Mijn leven zit vaak mee, maar soms ook tegen.
Dan schrijf ik het op,
lach ik er om,
en is de bui snel over.


Ik heb het maar verwijderd.




© Tanya Kangur

19-06-2009







Mijn Gastenboek vol met zeer gewaardeerde bijdrages

zaterdag 13 juni 2009

Fragment van de avond -Vrijdag 12 juni 2009

Ineens hoor ik een vent met een ademhaling die klinkt als een defecte astma-inhalator in mijn oor ratelen. “Ik denk: ik kom effe bij je staan!” schreeuwt hij, terwijl ik spuugspetters mijn rechteroor in voel vliegen. Spettertje’s vriend heeft betere manieren. “Liet jij nou net een scheet?” vraagt hij aan vriendinnetje E. Spettertje springt op de rug van zijn vriend, waardoor zijn achterwerk zich ineens op slechts dertig centimeter van E’s gezicht bevindt. “Wat een figuur!” zegt ze terwijl we onze drankjes afrekenen en weggaan.

Achter de bar staat God’s Gift to Women in een blauwe zwembroek bier te tappen. Ik schreeuw mijn bestelling boven de muziek uit. Godenzoon maakt een handgebaar alsof hij het niet begrijpt, en met twee handen maak ik duidelijk dat ik 2 glazen droge witte wijn wil. Ik krijg een redelijk obsceen gebaar terug en herinner me ineens weer waar ik hem van ken. Dit was de hoofdpersoon uit een escapade van studiegenootje. De titel van het verhaal? “The guy that never called back”. Ik reken mijn bestelling af, en meneer maakt nog een mooie move om aandacht te trekken: “Sorry dat ik niets tegen je zeg, ik ben mijn stem kwijt”. “Niet alleen dat, of wel?” zeg ik met een lach en ik knik naar zijn zwembroekje. Wat een figuur.

Woest uitziende kerel wil met me dansen op een Latin muziekje. Vanachter mijn strawberry daiquiri schud ik woest mijn hoofd. “Salsa kanniknie!” roep ik angstig boven de muziek uit. Woeste kerel blijkt een Italiaan en verstaat me niet. Hij grijpt me bij mijn middel. 5 Minuten later ben ik meester in de basis passen van het salsa fenomeen. Ik word dorstig en Italiaan vult mijn cocktail bij. Volgens hem ben ik klaar voor een side-step. Tijdens liedje nummer 7 waan ik me Gloria Estefan. Hoezo basispassen? Dansen is toch een kunst? Lang leve de vrije expressie! Ik huppel wat naar voor en naar achter, terwijl Italiaan mijn grootse bewegingen probeert bij te sturen. Geheel in lijn met mijn dominante karakter begin ik de leiding over te nemen. “Woeste armgebaren passen prima bij salsa!” hoor ik mezelf nog denken, vlak voordat ik een sliding maak die lijkt op een schwalbe van Suarez. De Italiaan begeleid me vriendelijk terug naar de rand van de dansvloer. “Wat een figuur...” zie ik hem denken.



© Tanya Kangur
13-06-2009


Mijn Gastenboek vol met zeer gewaardeerde bijdrages

woensdag 10 juni 2009

10 Momenten om je te realiseren dat hardlopen niet jouw ding is.

1. Je ziet jezelf aan komen lopen in een etalageruit en vraagt je af waarom er een klein hondje achter je aan aan het rennen is. Je realiseert je dat dit je zwabberende rechtervoet is.

2. Je komt er na weken achter, dat de pijn, die vrijdagavond tijdens het rennen onder je linkerborstbeen ten hoogte van je lever vandaan komt, niet veroorzaakt wordt door stress, maar door de vrijdagmiddagborrel.

3. Je bedenkt dat het best een goed plan is om 5 km naar het huis van je ex te rennen om daar je laatste spullen op te halen. Bij aankomst wijs je je sportbuddy op het ontzettend lelijke, knalrode mokkel, die je door het raam in zijn woonkamer ziet staan, en merkt dat je in de spiegel boven zijn schouw aan het turen bent.

4. Je besluit weer terug naar huis te rennen, vergeet dat de straten in Amsterdam in een cirkel lopen, en staat 20 minuten later wéér voor het huis van je ex.

5. Je kan de juiste combinatie tussen teveel en te weinig water drinken niet vaststellen, en bent iedere keer óf uitgedroogd, óf aan het plassen achter een bouwvakkerskeet halverwege de Amstel.

6. Je begint de smaak in je mond van uitlopende mascara als prettig te ervaren

7. Je bevindt je voor de tweede keer bij de bouwvakkerskeet omdat er de eerste keer niet met je geflirt werd. Nu je erover nadenkt: de tweede keer ook niet. Eigenlijk nooit wanneer je met hartslag 200 langs holt.

8. Een hond haalt je in. Een konijn haalt je in. Een springende kraai haalt je in.

9. Je begint je af te vragen waarom niemand anders stilstaat bij al die bijzondere zilveren vliegjes die overal om je heen fladderen.

10. Je voelt nattigheid op je gezicht en constateert dat je ogen uit protest aan het huilen zijn

11. Bij thuiskomt surf je naar knmi.nl om uit te vinden waar die plaatselijke zonsverduistering vandaan kwam




© Tanya Kangur
10-06-2009


Mijn Gastenboek vol met zeer gewaardeerde bijdrages

maandag 8 juni 2009

Tanya's servicelijn

Ik schijn iets te hebben met telefonische verkopers. Eigenlijk met vrijwel alle telefonisten. Zowel degenen die op de meest wonderlijke wijzen mijn jaarlijks veranderende telefoonnummer weten te vinden, als diegenen waar ik 90ct per minuut voor betaal als ik in hoge nood een service nummer bel.

In de afgelopen twee weken heb ik er vier gesproken. Ik zal ze eens doornemen, in toenemende mate van leukheid.

Allereerst was er Paulien. Paulien werkte bij mijn energieleverancier en ik had haar nodig voor een controle van mijn geiser en verwarming. Na haar gebeld te hebben op haar 0900 nummer kreeg ik de melding dat het nummer geen winstoogmerk had en voor slechts 10 cent per minuut mocht ik met haar kletsen. Paulien had op school erg goed leren articuleren, en omdat te bewijzen voerde ze een fijne show voor mij op. “Goe-den-mor-gun mevrouw. Wat ont-zè-tund fijn dat u belt naar on-zuh warm-tuh-ser-vies”. Tussen de lettergrepen in haar zinnen zaten net zulke lange pauzes als tussen de woorden, waardoor ik sterk begon te twijfelen of Paulien geen cassettebandje was. Toen ze na ieder van mijn 4 vragen riep: “Wat een goede vraag mevrouw!” besloot ik om terug te praten alsof Paulien een belspelletje bij Veronica presenteerde, waarna het gesprek uitstekend verliep. Ik denk dat het bedrijf inderdaad geen winst maakte op Paulien.

Erna was de tweede die ik sprak. Terwijl ik op de tram stond te wachten belde zij op om eens de voorwaarden van een uitvaartverzekering door te spreken. Niet dat ik er nu één nodig zou hebben, maar Erna verkocht die dingen nou eenmaal. Dat dit geen droevig gesprek hoefde te zijn bewees ze in een gesprek dat tot aan station Duivendrecht duurde. Na flink wat gegiebel over mijn visie op rouwadvertenties en een notitie dat ik al mijn 375 hyves vrienden op de uitvaart verwachte, wist Erna mij te vertellen dat zij op begrafenissen altijd rondkeek welke persoon er het slechtst uitzag, en dus waarschijnlijk de volgende zou zijn. Daarna informeerde ik nog naar haar muzieksmaak tijdens de rouwdienst, vernam ik dat zij altijd met haar collega naar het werk reed en dat ze onlangs overgeplaatst was naar een andere afdeling. Ik besloot dat ik Erna een toppertje in haar werk vond en sloot gelijk een verzekering bij haar af.

De week daarop belde Gijs mij. Gijs was weer van de energieleverancier, maar dit keer van de afdeling onderhoudscontracten. Ik gaf aan dat ik graag een servicecontract voor mijn moederhaard wilde afsluiten en ook maar meteen één voor mijn geiser. Of het lag aan Gijs, aan ruis op de lijn of het feit dat ik niet zo goed articuleerde als zijn collega Paulien weet ik niet. Maar de volgende vraag die Gijs stelde was wat de naam was van mijn moeder, en wat voor een haard mijn mams had. Ok, ik geef het toe, het is niet heel aardig maar ik heb Gijs ongeveer een minuut lang uitgelachen. Mijn excuus is dat ik erbij moest huilen en echt niet uit mezelf kon ophouden. Lieve Gijs zei zeker 5 keer sorry, en dat sierde hem. Ik deed dat namelijk niet.

Mijn laatste belmaat was Rob. Hij belde om de opgestuurde polis van mijn uitvaartverzekering door te nemen. In een grandioze belmarathon van 1 uur en 7 minuten heb ik met Rob zijn en mijn hele hebben-en-houwen doorgesproken. Het was zaterdagochtend, slecht weer, en we hadden allebei niets beters te doen. In dit dagdeel kwam ik erachter dat Rob halverwege de 30 was, ook in Amsterdam woonde, morgen naar een festival in Almere ging en met mij wel een bedrijfje in bakfietsbegrafenissen wilde opzetten. Bij Rob heb ik uiteindelijk mijn verzekering afgesloten. Hij was het eens met mijn besluit om alleen vieze tofu broodjes te serveren tijdens de uitvaart, een witte kist met roze bloemen te bestellen, slechts een minimale rouwadvertentie op te nemen (That’s why!) en om maar 1 kistdrager te bestellen. Dit laatste is gebaseerd op mijn theorie dat mijn hulpvaardige vrienden vast wel bijspringen wanneer ze die ene arme man aan de kist zien sjorren.

Gisteren realiseerde ik me dat ik minstens 2,5 uur aan deze gesprekken besteed had, waarbij ik het grootste deel van de tijd over andermans koetjes en kalfjes heb gekletst. Een korte berekening en babbelboxen check op internet leert dat ik hier goud geld mee kan verdienen! Ik denk dat ik Telfort eens ga bellen voor een aanpassing van mijn telefoonlijn. Wanneer u mij vanaf volgende week belt kost ik 90 ct per minuut.



© Tanya Kangur
08-06-2009


Mijn Gastenboek vol met zeer gewaardeerde bijdrages